Wég met de SMART doelen!

Het werken met SMART doelen is wat mij betreft achterhaald. Voor wie het principe nog niet kent; het idee achter een SMART opgesteld doel is dat het Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden is. Om het nog een beetje interessant te maken voegt men tegenwoordig er nog een I van Inspirerend aan toe. Afgezien van het feit dat de terminologie er met de haren bijgesleept lijkt, gaat het hier niet over doelen maar over resultaten.

Toegegeven de woorden doel en resultaat lijken wel een beetje op elkaar. Je zou kunnen zeggen dat resultaten de tussenstappen kunnen zijn om een doel te bereiken. Maar wat is je doel nu eigenlijk precies? Het SMART denken dwingt ons om een doel zo meetbaar mogelijk vast te leggen. “Over 3 maanden hebben 100 mensen een positieve reactie gegeven op dit artikel,” is een prima voorbeeld van een SMART gesteld doel.

Dit doel kan na drie maanden afgevinkt worden als al dan niet gehaald. Maar kan ik meten hoeveel mensen aan het denken zijn gezet? En is het feit dat mensen hierover gaan nadenken niet veel meer wat ik beoog?

Richting geven

In managementland stapt men langzaam af van deze manier van doelen stellen. Uiteraard blijven doelen belangrijke hulpmiddelen, maar het formuleren van smart gestelde doelen is allang geen doel op zich meer. Men heeft het tegenwoordig meer over ‘objectives’, in het Nederlands te vertalen met bestemming of richting. Om een richting vast te stellen maakt men eerder gebruik van een moreel kompas dan van een meetlat.

Ik vind deze omslag voor het onderwijs relevant.

Natuurlijk is er niets mis mee om aan het begin van een les uit te leggen wat de kinderen gaan leren en aan het eind met elkaar te kijken of dit ook werkelijk is gebeurd. Toch vind ik het gênant om na een prachtige les, waarin kinderen betrokken en enthousiast waren, tegen een leerkracht te moeten zeggen, dat hij vergeten is de doelstelling te vertellen en deze dus ook niet met de leerlingen heeft geëvalueerd.

Het morele kompas

Het zou goed zijn om ons bezig te houden met een moreel kompas, om vast te leggen welke richting we op willen met ons onderwijs. Waarom gaan kinderen naar school? Om te leren is een prima antwoord. Toch is er meer. Kinderen willen ook plezier hebben in het leren, ze willen gelukkig zijn, ze willen een gevoel hebben dat ze er mogen zijn. Kortom, ons onderwijs zal ook voldoen aan een aantal universele (morele) waarden, die niet te meten zijn aan de hand van smart geformuleerde doelen. En het interessante is, dat de meeste leerkrachten, die ik ken, hier graag een bijdrage aan willen leveren.

Wat betekent dit voor het onderwijs?

Het is belangrijk dat een school meer waarden gestuurd gaat werken. Hoe mooi is het om geluk, liefde en/of vrede op te nemen in het curriculum;

In het onderwijs mag nog veel meer aandacht komen voor samenwerking in plaats van competitie. Leer kinderen hoe belangrijk het is om dingen mét elkaar te doen, in plaats van je aan elkaar te meten;

Heb het lef om kinderen uit te dagen tot écht leren in plaats van te oefenen om hoge scores op de citotoets te behalen. Omdat niemand onvoldoendes wil halen werken we veel te veel toe naar de toetsmomenten. Geef kinderen kansen en mogelijkheden om zich te ontwikkelen: observeer meer en toets minder;

Laten we ook wat meer handelen in plaats van het schrijven van plannen. Een leerkracht is een groot deel van zijn tijd kwijt aan administratie. “De bureaucratie in het onderwijs, waar talloze leerkrachten onder zuchten, moet hard aangepakt worden.” Dat is de toezegging die staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs) onlangs deed aan Mark van der Werf, de auteur van het boek “Meester Mark draait door“. Ik ben het van harte met hem eens.

Uiteraard is het lijstje hierboven niet compleet. Het is een aanzet om op een andere manier naar verantwoording en verantwoordelijkheid te kijken.

Verantwoordelijkheid dragen versus verantwoording afleggen

Juist in het onderwijs moet het veel meer gaan om verantwoordelijkheid drágen en minder om verantwoording af te leggen. Ik ben ervan overtuigd dat een leerkracht, die zich verantwoordelijk voelt voor het geluk van de individuele leerlingen, in staat is om betere onderwijsresultaten te bereiken, dan de leerkracht, die hoog scoort op de lijstjes waarop hij wordt beoordeeld (en dit systeem vertaalt naar de leerlingen aan wie hij les geeft).

Ik voel de urgentie dat dit echt anders moet in het onderwijs. Daarom wég met de SMART gestelde doelstellingen en ruim baan voor het werken vanuit (universele) waarden zoals bijvoorbeeld geluk, liefde, vrede, vrijheid en respect. Laten we daar onze verantwoordelijkheid voor nemen en zo kinderen werkelijk voorbereiden op de 21ste eeuw.

Geef een antwoord

Inhoud van het artikel

Misschien ook interessant:

Lieve onbekende

Toen ik de boekenkast aan het inrichten was viel een schriftje op de grond. Het was een schriftje dat mijn moeder had bijgehouden toen ze als leerkracht inviel op de meisjesschool van de Evangelische Broedergemeente. Het stamt uit 1949. Het voelde alsof mijn moeder mij wilde laten weten dat ze mijn besluit om terug te keren naar het onderwijs goedkeurde.

Dank voor het bericht.

U hoort zo snel mogelijk van me!

Vriendelijke groet,

Christine